Thuis in uw branche

Kwaliteit verbeteren in de keten. Doet u mee?

Samen - maar het móet - Beter

  • Publicatiedatum: 01-12-2014

25 september 2014, de dag die volgens het FD de accountancyboeken ingaat als ‘Freaky Thursday’. Drie voor accountancyland belangrijke rapporten werden gepubliceerd, waarbij de inhoud van het ene rapport relevant is voor wat in de andere rapporten staat: de AFM-rapportage over de Big 4, de evaluatie van de Wta én het rapport ‘In het publiek belang’ met kwaliteitsverbetervoorstellen van de werkgroep toekomst accountantsberoep NBA.

Inmiddels zijn we bijna drie maanden verder. Wat is er na 'Freaky Thursday' gebeurd? Hoe staat SRA in het krachtenveld, wat vinden we van de ontwikkelingen en voorstellen? En op welke wijze worden de SRA-kantoren geraakt door het rapport 'In het publiek belang', ook als we een en ander relateren aan de tussenresultaten van Samen Beter en onze eigen nulmeting bij de vergunninghoudende SRA-kantoren? En hoe kunt/moet u zelf bijdragen aan het verbeteren van de kwaliteit? Een terug- en vooruitblik. 

Gewone accountant

Paul DinkgreveNog voordat de inhoud van de rapporten daadwerkelijk openbaar was, stonden de kranten al vol met berichten over schandalen en de 'graaicultuur' in het beroep. Voorzitter Paul Dinkgreve: ''We vonden het als bestuur belangrijk om op basis van die berichtgeving in een ledenbrief (van 19 september jl.) onze visie te geven op de 'gewone, hardwerkende accountant in het mkb' die vanzelfsprekend kwalitatief hoogstaand werk moet afleveren om van toegevoegde waarde te kunnen zijn voor ondernemers in het mkb. Het Freies Ermessen, dat uitgaat van persoonlijk gevoelde vaktechnische onafhankelijkheid én professionele verantwoordelijkheid, moet daarbij uitgangspunt zijn. Gelukkig konden we constateren dat veel van onze SRA-collega's zich in dat beeld kunnen vinden. Tegelijkertijd moeten we ons realiseren dat de kwaliteit van onze werkzaamheden in de controle echt nog verbeterd kan worden. Elk kantoor kent een kwaliteitsuitdaging.''

Ontbrekende diepgang

Die kwaliteitsuitdaging was al duidelijk geworden uit de AFM-rapportage over SRA-kantoren, waarbij in 2013 een themaonderzoek plaatsvond. Alhoewel de rapportcijfers, uitgedeeld door de AFM, niet overeenkwamen met die van de SRA-Review, waren de geconstateerde tekortkomingen/bevindingen dat wel. Willem van Wijngaarden, SRA-Review: ''Ondanks dat kantoren zeer zeker grote kwaliteitsstappen hebben gezet en het volgens de AFM goed gaat in de risicoanalyse- en planningsfase, tonen ook de reguliere reviews bij de SRA-kantoren aan dat de diepgang in controles nog ontbreekt. De rode draad in onze bevindingen is dat er weinig tot geen aandacht is voor general en application controls terwijl er wel gesteund wordt op de output van informatiesystemen. Controleteams vragen niet kritisch door bij kritieke balansposten zoals onderhandenwerk of voorzieningen en er wordt geen relatie gelegd tussen systeemgerichte en gegevensgerichte werkzaamheden.''

Geen 3-en en 4-en

Aan het begin van dit jaar heeft SRA daarom ingestoken op die noodzakelijke kwaliteitsverbetering. Want scores in categorie 3 en 4 mogen bij SRA-kantoren niet meer voorkomen. Uit de brief vanuit het SRA-bestuur (28 februari 2014): 'De kwaliteit van de accountancybranche moet omhoog. De uitkomsten van de diverse onderzoeken bij accountantskantoren met een AFM-vergunning vragen om maatregelen vanuit de sector zelf. Als vereniging van accountantskantoren die kwaliteit hoog in het vaandel heeft staan, stelt SRA zich ten doel om de kwaliteit van de uitvoering van de controlewerkzaamheden en de financiële verslaglegging te verbeteren'. Vanaf maart 2014 loopt het verplichte Kwaliteitsprogramma Samen Beter. Doel van Samen Beter is de kwaliteit van de bijna 250 SRA-kantoren die wettelijke controles in het niet-OOB-segment uitvoeren, integraal te meten en waar nodig op maat te verbeteren. Een speciaal daartoe geformeerd team van mentoren voert een diepgaand dossieronderzoek uit à la AFM. Het indelen in categorieën (het rapportcijfer) gebeurt conform AFM-methodiek, evenals het vervolgtraject van indienen van verbeterplannen en opvolging.

Aanzwellende druk

Vanuit de eigen kracht werken aan kwaliteitsverbeteringen ligt in de genen van SRA-kantoren opgesloten. Maar gezien de turbulentie die op 14 mei jl. ontstond na het debat in de Tweede Kamer en de motie van Henk Nijboer (PvdA) over de toekomst van de accountancy, verlangt de maatschappij meer. Veranderingen in de sector zijn noodzaak, en als de sector dat niet zelf oppakt dan doet de politiek het wel, was de boodschap. De aanzwellende druk culmineerde in de aanbevelingen in het rapport van de werkgroep toekomst accountantsberoep van de NBA, waarin ook SRAbestuurslid Diana Clement zitting nam. Naast de noodzakelijke kwaliteitsverbeteringen is het voor het maatschappelijke verkeer ook van belang dat de hele sector aanvullende maatregelen neemt op de deelgebieden gedrag en cultuur.

Naam hoog houden

Aangezien de meeste externe accountants die zich bezig houden met de wettelijke controle aan SRA-kantoren verbonden zijn (SRA: 632, NBA: 211, Big 4: 435, Next 9: 186), heeft juist ook SRA een naam hoog te houden. Directeur Cees Meijer: ''We moeten als grootste kantorenvereniging ook een duidelijk signaal afgeven over hoe we in het niet-OOB-segment aankijken tegen de negatieve beeldvorming rond accountants en de aanbevelingen van de NBA-werkgroep. Het SRA-bestuur heeft aangegeven het rapport ‘In het publiek belang’ te omarmen en een noodzakelijke doorvertaling te maken voor beleid en maatregelenpakket dat past in het mkb. Tegelijkertijd willen we natuurlijk onze kantoren zo goed mogelijk ondersteunen en begeleiden. In het kader van aanstaande (wettelijke) maatregelen, juist op governance gebied, gaan we de kantoren faciliteren met guidance en monitoring. Daarnaast zullen we in samenwerking met de NBA binnen commissies meewerken aan de uitwerking van bepaalde thema’s, waaronder bijvoorbeeld kwaliteitsindicatoren.''

Ook actie in mkb

Deze boodschap heeft SRA vervolgens gedeeld met de stakeholders binnen en buiten Den Haag. Op verzoek van het ministerie werd vanuit het SRA-bestuur input gegeven voor de voorbereiding van het Algemeen Overleg van 14 november jl. Ook vonden gesprekken plaats met Tweede Kamerleden, waaronder initiatiefnemer Henk Nijboer. Paul Dinkgreve: ''Het signaal dat we ook in het niet-OOB-segment in actie moeten komen en dat de maatregelen voor kwaliteitsverbetering echt niet alleen gelden voor de OOB’s, werd in die gesprekken al evident. Wat feitelijk ook logisch is want de uitvoering van een wettelijke of vrijwillige controle en de kwaliteit van de werkzaamheden die tot een verklaring moeten leiden, moeten in elk segment gewoon goed zijn.'' Minister Dijsselbloem van Financiën vatte deze opvatting tijdens het Algemeen Overleg dan ook zo samen: ''Waarom zou een mkb-onderneming niet te horen krijgen dat de kwaliteit van zijn mkb-accountant onder de maat is?''

Niet 1 : 1

Tegelijkertijd heeft SRA aangegeven dat niet alle voorgestelde maatregelen uit het rapport van de werkgroep NBA uitvoerbaar en toepasbaar zijn in het niet-OOB-segment. Gezien de grootte van de kantoren en die van ondernemingen in het mkb-segment, is de vorming van een raad van commissarissen in het kader van governance of opdrachtgeverschap bijvoorbeeld niet in alle situaties haalbaar. Voor zover het om maatregelen gaat voor OOB-kantoren en er situaties bij SRAkantoren bestaan die zich daarvoor wel lenen – bijvoorbeeld rond thema’s als governance, opdrachtgeverschap of goodwill –, zullen we daar waar mogelijk activiteiten entameren. In dat kader heeft het SRA-bestuur de maatregelenmatrix achterin het rapport 'In het publiek belang' aangevuld met eigen beleid, maatregelen en voornemens. Ook zal het SRA-bestuur samen met de NBA beleid en maatregelen voor het niet-OOB-segment afstemmen zodat in ieder geval het levelplayingfield in stand wordt gehouden. Wordt vervolgd dus.

Hele keten meenemen

Alhoewel de verplichte wettelijke controle de hoofdrol speelt in alle discussies, vindt het SRA-bestuur het van belang om ook buiten het verplichte kader naar het geven van assurance te kijken. Bijvoorbeeld alleen al vanwege het feit dat de SRA-kantoren ten opzichte van de verplichte wettelijke controles evenveel vrijwillige controles (6350) uitvoeren voor ondernemingen. Paul Dinkgreve: ''We pleiten als SRA naast inhoudelijke uitbreiding van de controleverklaring ook voor onderzoek om gerichtere assurance te kunnen geven in het mkb-segment ten behoeve van alle stakeholders. Dit onderzoek kan ook bijdragen tot een efficiënte en effectieve wijze van onderzoek, onderbouwing en besluitvorming over de criteria en eventuele aanvullingen daarop van de controlegrenzen.'' Nader onderzoek is ook van belang naar de effecten op de kwaliteit van de vrijwillige controles, bij mogelijke beperking van de wettelijke controles. SRA is in dit kader tevens voorstander van een onderzoek naar behoeften van assurance bij de stakeholders, juist ook bezien vanuit de verschillende risicoperspectieven, fraude en continuïteit. Deze onderzoeken komen de overall-doelstelling van het verbeteren van kwaliteit en de benodigde marktwerking in de hele keten ten goede.

Koude douche voor 47%

De keten verbeteren dus. Hoe kunnen we dat als vereniging voor elkaar krijgen? En wat kunt u daar als professional of binnen de kantoororganisatie zelf aan doen? Met Samen Beter komen we vanuit vaktechnisch perspectief bezien wellicht al een heel eind. Zoals al eerder vermeld vindt de nulmeting via de nieuwe werkelijkheid, binnen AFM-kaders en volgens AFM-methodiek plaats. Geen coachende review (een warm bad) maar – en zo wordt dat echt ervaren – een koude douche. Inmiddels zijn (tot november) zo’n 60 kantoren bezocht en is over bijna 80 dossiers gerapporteerd.

De tussenresultaten laten een slechter beeld zien dan het AFM-themaonderzoek onder 20 SRA-kantoren: 13% van de dossiers scoort een voldoende (AFM- themaonderzoek 19%). In de categorie onvoldoende scoort 41% categorie 2, 43% categorie 3 en 4% (3 dossiers) categorie 4. Aangezien scores in categorieën 3 en 4 niet meer bij SRA-kantoren mogen voorkomen, is 47% van de onderzochte kantoren met deze nulmeting hopelijk nu echt wakker geschud.

Hoe nu samen verder?

''Het SRA-bestuur zet in op de ingezette koers van Samen Beter en wil zo snel als mogelijk is de kwaliteit bij de kantoren verbeteren'', vertelt Paul Dinkgreve. ''Dat zijn we aan onszelf, aan onze afnemers en aan het maatschappelijke verkeer verplicht. Alle SRA-kantoren streven naar een voldoende, categorieën 3 en 4 moeten minimaal naar een 2, categorie 2 naar categorie 1. We denken twee jaarrekeningcycli nodig te hebben om tot een voldoende populatie te komen. Binnen deze cycli moeten alle kantoren een verbeteringsslag kunnen laten zien. Elk kantoor uit de nulmeting zullen we dus volgen, net zoals overigens ook de AFM doet. Uit de stukken blijkt de AFM het niet-OOB-segment vanaf de tweede helft 2016 weer gaat onderzoeken.'' Kantoren met een voldoende binnen Samen Beter worden opgevolgd via de reguliere review. Wanneer een dossier in de nulmeting een onvoldoende scoort (categorie 2 t/m 4), zal de kantoororganisatie worden gevraagd een verbeterplan op te stellen. Hoe vindt de opvolging daarvan plaats?

Een onvoldoende. En dan?

Kantoren met een onvoldoende uit de nulmeting wordt gevraagd een verbeterplan op te stellen. Elk verbeterplan wordt geanalyseerd. Zeer kritisch wordt bekeken of de kantoororganisatie in staat is om de benodigde verbeterslagen te maken. Wanneer blijkt dat de kans van slagen tot verbetering bij categorie 4-kantoren vanuit de Reviewcommissie als zeer klein wordt ingeschat, kan het SRA-bestuur besluiten om een informeel voortgangsgesprek met de kantoorleiding te hebben. De kantoren krijgen vervolgens een jaar de tijd om verbeteringen te implementeren. Dit wordt opgevolgd vanuit de Reviewcommissie, waarbij de kantoren voortgang in het proces moeten laten zien. Op de daaropvolgende nieuwe jaarrekeningcyclus zullen de Samen Beter-mentoren een 1-meting verrichten volgens dezelfde gehanteerde methodiek als bij de nulmeting. Deze 1-meting is niet vrijblijvend. Kantoren die wederom een onvoldoende in categorie 3 en 4 scoren, worden na een proces van hoor- en wederhoor voor de keuze gesteld om de Wta-vergunning in te leveren of het lidmaatschap van SRA op te zeggen. Dit is in navolging van eerder beleid.

Samen sterk

Maar voordat het zover is, zal er nog heel wat water door de Rijn stromen. Cees Meijer: ''Vanuit de coachende- en verenigingsgedachte willen we kantoren zo optimaal mogelijk ondersteunen door het lerend vermogen op individueel- en teamniveau binnen de kantoororganisatie beter te organiseren. Kantoren die dat wensen kunnen het SRA-bureau voor extra hulp inschakelen door bijvoorbeeld het delen van best practises via een cursus op maat, een extra OKB of concrete hulp bij de implementatie van punten uit het verbeterplan. Een zogenaamd A-team, met oud-regiocoördinatoren en andere experts die de SRA-praktijk van binnen en van buiten kennen, staan de collega's graag terzijde bij de implementatie van noodzakelijke veranderingsprocessen. Doel is om de kantoren naar een voldoende (categorie 1) te helpen, vanzelfsprekend op basis van vrijwilligheid en via een op maat gemaakt leerplan, toegesneden op kennishiaten en gedragsverandering. De keten c.q. vereniging is immers net zo sterk als de zwakste schakel. En daarom is continue aandacht voor kwaliteit van uiterst belang.''

Vragen?

Voor vragen over Samen Beter, de opvolging en implementatie van de voorstellen uit het rapport 'In het publiek belang' en andere vragen in het kader van kwaliteitsverbetering binnen de vereniging SRA, kunt u contact opnemen met Paul Dinkgreve of Cees Meijer via bestuur@sra.nl.

Paul Dinkgreve

SRA.nl maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Cookies accepteren