Thuis in uw branche

Leerdoelen formuleren

De trainee geeft in het jaarplan aan wat zijn leerdoelen zijn voor de desbetreffende stageperiode. In het semesterverslag geeft hij aan of en op welke manier de leerdoelen zijn gerealiseerd.

Het goed formuleren van een leerdoel blijkt in de praktijk vaak lastig te zijn. Leerdoelen worden vaak te vaag, onvolledig en vrijblijvend geformuleerd als wensen, intenties of goede voornemens. Ook hierin stuurt en begeleidt de praktijkbegeleider de trainee.

Leerdoelen

Leerdoelen moeten persoonlijk zijn:

  • Waar ga je je op richten?
  • Waar ga je aan werken de komende periode(n) en waarom?
  • Hoe ga je dat doen?
  • Met behulp waarvan?
  • Hoe was het resultaat?
  • Wat heb je ervan geleerd?

SMART

SMARTOm een zo goed mogelijke invulling te kunnen geven aan de praktijkopleiding moeten de leerdoelen SMART geformuleerd worden. SMART staat voor:

  • Specifiek (de doelstelling moet concreet/ eenduidig zijn, niet vaag);
  • Meetbaar (hoe weet/ meet je dat het doel bereikt wordt?);
  • Acceptabel (wat moet je doen om het doel te bereiken en evt. wat zouden anderen moeten   doen om daarbij te helpen? Is het in overeenstemming met het beleid/ de doelstellingen  van de organisatie?);
  • Realistisch (de doelstelling moet haalbaar zijn);
  • Tijdgebonden (begin- en eindtijd moeten duidelijk zijn).

Door een leerdoel SMART te maken, wordt gecheckt of het volledig en haalbaar is.

Eindtermen

Bij het formuleren van leerdoelen voor de praktijkopleiding kan worden aangesloten bij de eindtermen voor de praktijkopleiding van de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA). De CEA maakt hierbij onderscheid tussen (vak)technische en communicatieve vaardigheden, gedrag en houding.

Technische vaardigheden

De (vak)technische vaardigheden hebben betrekking op het toepassen van controletechnieken, -methoden en -middelen en op het snel en diepgaand kunnen doorgronden van de bedrijfsvoering in algemene zin en in het bijzonder de financiële en administratieve processen.

Communicatieve vaardigheden

Communicatieve vaardigheden hebben betrekking op mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheden: communicatie met opdrachtgevers en collega's.

Gedrag

Gedrag heeft betrekking op zaken die voor de omgeving waarneembaar zijn, zoals samenwerken en proactief handelen.

Houding

Houding tot slot heeft vooral betrekking op ethische aspecten, dus op zaken als integriteit, onafhankelijkheid en onpartijdigheid. Hiernaast heeft houding betrekking op zaken als het hebben van een rechte rug, kritische instelling en flexibiliteit.

Belangrijk is dat er aandacht is voor zowel de vaktechnische als de persoonlijke (met betrekking tot communicatieve vaardigheden, gedrag en houding) leerdoelen.


Contact

Helen Stoelwinder

Helen Stoelwinder
E hstoelwinder@sra.nl
T 030 656 60 60

Ruth Troostheide-Van der Valk

Ruth Troostheide-Van der Valk
E rtroostheide@sra.nl
T 030 656 60 60

SRA.nl maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Cookies accepteren