Bedrijfsopvolging bij overlijden
Fiscale en civielrechtelijke valkuilen en oplossingen in de praktijk
Bij bedrijfsopvolging na overlijden draait het om de vraag wie de onderneming of aandelen verkrijgt. Is deze opvolger erfgenaam, legataris, firmant, medeaandeelhouder, of heeft deze meerdere ‘petten’ op? Daarnaast is van belang hoe de opvolging is geregeld in de statuten, aandeelhoudersovereenkomst en het firmacontract. Wanneer dit niet aansluit bij de bepalingen in het testament kan dit grote gevolgen hebben, waaronder het mislopen van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). In deze cursus leer je aan de hand van praktijkvoorbeelden welke civielrechtelijke bepalingen een rol spelen en hoe je valkuilen herkent. Ook komt de toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling bij zowel firma’s als bv’s aan bod. Enige basiskennis van bedrijfsopvolging is gewenst.
Inhoud
Tijdens de cursus Bedrijfsopvolging bij overlijden behandelen we de volgende onderwerpen:
- Algemeen: de wisselwerking tussen civiel en fiscaal recht (praktijkcasussen)
- Relevante bepalingen in statuten en Boek 4 BW herkennen en interpreteren
- Onderscheid in erfgenaam, legataris, (mede)aandeelhouder en firmant: wie heeft welke rechten?
- Overnameregelingen (verblijvingsbeding, toedelingsbeding, overnamebeding, art. 11 SW en art. 13 SW)
- Voortzettingseis art. 35e SW
- Het onderscheid in een overgang en overdracht van aandelen (art. 2:195 BW)
- Valkuilen signaleren en de notaris van de juiste input voorzien
- Capita selecta (o.a. belastinglatenties, "change of control”)
Deze cursus is inclusief diner.