Sla menu over
Kwaliteit die verbindt
  • Publicatiedatum:02-06-2026

Wijzigingsbesluit accountancysector operationaliseert verzwaring eisen rond kwaliteit, governance en toezicht

Wijzigingswet uitgesteld naar 2027

De langverwachte Wijzigingswet accountancysector luidt een nieuwe fase in voor de hervorming van de Nederlandse accountancy. De beoogde ingangsdatum van 1 juli 2026 is losgelaten; minister van Financiën Heinen heeft recent aangegeven dat de wet naar verwachting pas op 1 januari 2027 in werking treedt.

Papier overhandigen

De wettelijk voorgeschreven voorhangprocedure veroorzaakt de vertraging. Eerst mogen de Tweede en Eerste Kamer zich uitspreken over het Wijzigingsbesluit accountancysector. Pas vier weken nadat het besluit naar beide Kamers is gestuurd, kan het voor advies naar de Raad van State. Volgens minister Heinen blijft daardoor te weinig tijd over om de Wijzigingswet per 1 juli 2026 in te voeren.

Wat regelt het Wijzigingsbesluit?

Het uitstel verandert niets aan de richting. Het Wijzigingsbesluit werkt de Wijzigingswet accountancysector verder uit en richt zich primair op het versterken van de kwaliteit van wettelijke controles door een structurele verzwaring van eisen rond kwaliteit, governance en toezicht. Het besluit operationaliseert de wet door kwaliteit, transparantie en verantwoordelijkheidsverdeling in het accountancytoezicht meer concreet en afdwingbaar te maken.

Naast de introductie en regulering van kwaliteitsindicatoren (AQI’s) voor OOB, inclusief een bewaartermijn van zeven jaar voor NBA-rapportages, wijzigt het besluit ook de reikwijdte van wettelijke controles en de OOB-status. Daarnaast moeten de grootste reguliere accountantsorganisaties een verplicht jaarverslag van hun interne toezichtsorgaan publiceren als zij op basis van de criteria (minimaal 150 wettelijke controles per jaar gedurende drie jaar en minimaal € 3 miljoen omzet per jaar uit wettelijke controles) onder dit toezichtregime vallen. Zij hoeven geen transparantieverslag te publiceren.

In dit artikel richten we ons vooral op de Medeverantwoordelijkheid van de accountantsorganisatie.

Medeverantwoordelijkheid accountantsorganisatie uitgelegd

In de Wijzigingswet accountancysector is de bepaling opgenomen dat de medeverantwoordelijkheid van de accountantsorganisatie verduidelijkt. Het Besluit toezicht accountantsorganisaties (Bta) wordt daartoe als volgt gewijzigd:

Artikel 8b

De borging van de kwaliteit van de wettelijke controle, bedoeld in artikel 18, tweede lid, 3 onderdeel b, van de wet, leidt er ten minste toe dat: 
a. de externe accountant de wettelijke controle voorbereidt en uitvoert met een professioneel-kritische instelling (lees verder);
b. de externe accountant bij het voorbereiden en uitvoeren van de wettelijke controle professionele oordeelsvorming toepast (lees verder); en
c. de externe accountant de accountantsverklaring, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de wet onderbouwt met voldoende en geschikte controle-informatie (lees verder).

Artikel 8b Bta werkt verschillende eisen uit van de verplichting die de accountantsorganisatie heeft dat het stelsel van kwaliteitsbeheersing de kwaliteit van de wettelijke controle waarborgt. Het doel van deze uitwerking is volgens de minister van Financiën tweeledig: ‘Ten eerste krijgt de accountantsorganisatie meer duiding welke procedures en maatregelen passend en noodzakelijk zijn om ervoor te zorgen dat haar stelsel van kwaliteitsbeheersing in opzet, bestaan en werking de kwaliteit borgt van de wettelijke controle. Ten tweede geven deze eisen de AFM verder richting naar welk handelen of nalaten van de accountantsorganisatie zij onderzoek kan doen om te onderbouwen waarin de accountantsorganisatie tekort is geschoten om de kwaliteit van de wettelijke controle te borgen’.

Geen aanpassing besluit na consultatie

Het ministerie van Financiën heeft Ontwerpbesluit eind 2025 ter consultatie gepubliceerd. Reacties waren afkomstig van de AFM, NBA, SRA, Eumedion, VEB, VNO-NCW en MKB-Nederland, en de accountantskantoren Ernst & Young Accountants LLP, Deloitte, KPMG, PwC en Forvis Mazars.

Samengevat door het ministerie vinden SRA, de NBA en de genoemde accountantskantoren de voorgestelde tekst van artikel 8b Bta onduidelijk, disproportioneel of overbodig. Volgens hen legt het artikel te veel verantwoordelijkheid bij de organisatie in plaats van bij de individuele accountant, met mogelijke aansprakelijkheid van accountantsorganisaties voor individuele fouten tot gevolg. De AFM beoordeelt het artikel juist als wenselijk, mits het goed wordt toegelicht en afgestemd op het doel van het stelsel.

Volgens de minister doet de bepaling recht aan de invloed van de accountantsorganisatie op de kwaliteit van de wettelijke controle en aan de centrale rol die het kwaliteitsbeheersingssysteem in het toezicht vervult. De consultatiereacties hebben daarom niet geleid tot aanpassing van het Wijzigingsbesluit.

Boetebesluit 

Het Wijzigingsbesluit regelt ook de bestuurlijke boete die de AFM kan opleggen voor een overtreding van een minimale eis van de borging van de kwaliteit van de wettelijke controle als bedoeld in artikel 8b Bta. De hoogte van de boete ter zake van die overtreding is gekwalificeerd als een van de tweede categorie.

Dit betekent dat de AFM een accountantsorganisatie in beginsel een bestuurlijke boete van € 500.000 kan opleggen als zij een bepaalde nadere voorgeschreven wijze van borging van de kwaliteit van de wettelijke controle niet of onvoldoende naleeft, zoals bedoeld in artikel 55 van de Wet toezicht accountantsorganisaties.

Dat bedrag wordt passend geacht bij de zwaarte van de overtreding van de eis dat de kwaliteit van de wettelijke controle moet zijn gewaarborgd doordat de accountantsorganisatie ervoor zorgt dat de externe accountant bij de planning en uitvoering van de wettelijke controle professioneel-kritisch is, professionele oordeelsvorming toepast en de accountantsverklaring onderbouwt met voldoende en geschikte controle-informatie.