Sla menu over
Kwaliteit die verbindt
  • Publicatiedatum:03-11-2026

De opleiding van morgen moet werken in de praktijk van alledag

Hoe leiden we accountants op voor een vak dat voortdurend verandert? Die vraag raakt niet alleen onderwijsinstellingen, toezichthouders en beroepsorganisaties. Zij raakt juist ook de accountantskantoren waar student-trainees iedere dag leren, oefenen, reflecteren en geleidelijk meer verantwoordelijkheid krijgen.

Bijeenkomst

SRA ziet goede aanknopingspunten in de voorgestelde Eindtermen Accountantsopleidingen 2027. Minder nadruk op gedetailleerde voorschriften en afzonderlijke vakgebieden kan ruimte bieden voor meer samenhang. Ook kunnen ontwikkelingen zoals digitalisering, AI, duurzaamheid en veranderende wet- en regelgeving gemakkelijker een plaats krijgen in de opleiding.

Positief is bovendien dat kennis, vaardigheden en professioneel gedrag meer als één geheel worden benaderd. Een accountant moet immers niet alleen beschikken over vaktechnische kennis, maar die kennis ook professioneel kunnen toepassen. Communiceren, samenwerken, reflecteren, ethische afwegingen maken en de grenzen van de eigen deskundigheid herkennen, horen daar onlosmakelijk bij.

Leren in echte beroepssituaties

Voor SRA-kantoren is vooral de sterkere verbinding tussen theorie en praktijk belangrijk. Wat een trainee in de opleiding leert, moet zo veel mogelijk aansluiten op wat diegene vervolgens binnen het kantoor en bij klanten tegenkomt.

Wanneer een trainee bijvoorbeeld leert over klantacceptatie, kan een praktijkopdracht worden gebruikt om te laten zien dat de opgedane kennis ook werkelijk kan worden toegepast. Zo kunnen opleiding, werk en professionele ontwikkeling steeds meer één leerproces vormen. Dat voorkomt onnodige overlap en maakt de opleiding betekenisvoller én beter studeerbaar.

Deze benadering onderstreept ook de waarde van leren op de werkvloer. Juist in de dagelijkse praktijk ontwikkelen trainees hun professionele oordeel, beroepshouding en communicatieve vaardigheden. Onder begeleiding van ervaren collega’s groeien zij van het uitvoeren van werkzaamheden naar het zelfstandig omgaan met complexere situaties.

Geen enkel kantoor heeft alle praktijksituaties in huis

De ambitie is goed, maar de uitwerking vraagt om realiteitszin. Niet ieder accountantskantoor beschikt over hetzelfde opdrachtenportfolio, dezelfde opleidingscapaciteit of dezelfde gespecialiseerde praktijkbegeleiders. Zeker bij kleinere mkb-kantoren komen niet alle gewenste beroepssituaties vanzelf binnen een vaste opleidingsperiode voorbij.

Dat zegt niets over de kwaliteit van het kantoor of de begeleiding. Het is een logisch gevolg van de diversiteit van de Nederlandse accountancysector. Het werkaanbod hangt samen met de klantenportefeuille en met concrete gebeurtenissen bij klanten. Een trainee krijgt daardoor niet automatisch te maken met alle gewenste assurance-opdrachten, herstructureringen, overdrachten, fraudevraagstukken of continuïteitscasussen.

Wanneer de uitwerking van de nieuwe opleiding onvoldoende rekening houdt met die praktijk, ontstaat het risico dat een model wordt ontwikkeld dat op papier goed werkt, maar feitelijk vooral past bij grote organisaties. De schaal, opleidingscapaciteit en opdrachtenportefeuille van grote kantoren mogen niet ongemerkt de norm worden voor de hele sector.

Voorkom stapeling en extra regeldruk

SRA vraagt daarom om duidelijke keuzes. De Accountancy-MKB-oriëntatie omvat een breed terrein, van samenstellen en adviseren tot fiscaliteit, financiering, IT, duurzaamheid en assurance. Die breedte past bij de veelzijdige rol van de mkb-accountant, maar mag er niet toe leiden dat steeds meer onderwerpen aan de opleiding worden toegevoegd.

Van belang daarom is om helder te hebben welke activiteiten tot de kern van het beroep behoren. Daarmee voorkomen we dat belangrijke onderdelen slechts oppervlakkig kunnen worden behandeld en dat de opleiding voor trainees onnodig zwaar of minder aantrekkelijk wordt.

Ook moeten open normen niet leiden tot nieuwe administratieve lasten. Kantoren kunnen anders steeds uitgebreider moeten vastleggen welke opdrachten een trainee heeft uitgevoerd, welke mate van complexiteit en zelfstandigheid daarbij aan de orde was en waarom het verzamelde bewijs voldoende is.

SRA pleit daarom voor goede regievoering, uniforme beoordelingscriteria, praktische ondersteuning van begeleiders en één digitaal dossier met één gegevensset. Voorkom parallelle registratie- en verantwoordingssystemen. Vernieuwing van de opleiding moet juist ruimte bieden voor begeleiding en ontwikkeling, niet voor meer vinkwerk.

Een sterke infrastructuur rond de trainee

Trainees en kantoren hebben behoefte aan een betrouwbare begeleidingsstructuur. Daarbij spelen onafhankelijke stagebureaus een belangrijke rol. Het SRA-Stagebureau verbindt onderwijs en praktijk en ondersteunt trainees, praktijkbegeleiders en beoordelaars tijdens de praktijkopleiding.

Die collectieve infrastructuur is vooral belangrijk voor mkb-kantoren. Niet ieder kantoor kan alle kennis, praktijksituaties en opleidingskundige expertise zelf organiseren. Via gezamenlijke begeleiding, intervisie en referaatgroepen kunnen trainees ervaringen en dilemma’s uitwisselen met anderen in hetzelfde werkveld.

Ook kan een collectief stagebureau helpen wanneer bepaalde praktijkervaring binnen het eigen kantoor niet beschikbaar is. Zo blijft de opleiding toegankelijk voor kantoren van verschillende omvang en wordt voorkomen dat trainees voor bijzondere opdrachten automatisch afhankelijk worden van grote organisaties.

Vernieuwen met oog voor de menselijke maat

SRA ondersteunt de beweging naar een geïntegreerde, toekomstbestendige en praktijkgerichte accountantsopleiding. Maar een nieuw opleidingsmodel is pas succesvol als het ook uitvoerbaar is voor de kantoren die iedere dag investeren in hun trainees.

Daarom blijven we vanuit het perspectief van de SRA-kantoren aandacht vragen voor duidelijke eindtermen, werkbare begeleiding, beperkte administratieve lasten en ruimte voor verschillende leerpaden en kantoorpraktijken.

Want juist binnen het accountantskantoor leert een trainee wat het vak in de praktijk betekent: dicht bij de ondernemer, met een brede verantwoordelijkheid, professioneel oordeel en oog voor de menselijke maat. Die praktijk verdient vanaf het begin een volwaardige plaats aan tafel.

De Commissie Eindtermen Accountancyopleiding (CEA) is bezig met de afronding van de herziening van de eindtermen voor de accountantsopleiding. Het conceptrapport eindtermen 2027 geeft inzicht in opzet, ordening en normering van de concepteindtermen 2027, de keuzes die zijn gemaakt en de laatste stappen richting een gedragen en zorgvuldig onderbouwde set eindtermen.

Het conceptrapport is nog niet definitief. Een aantrekkelijke, studeerbare en toekomstbestendige accountantsopleiding is een verantwoordelijkheid van meerdere partijen. Daar is draagvlak voor nodig. CEA voert daarom een uitvoeringstoets uit en gaat gericht in gesprek met haar stakeholders in het onderwijs- en werkveld.

Op 7 oktober jl. vond het stakeholdersgesprek tussen SRA en CEA plaats over het conceptrapport plaats. Ook het Stagebureau is voor een overleg uitgenodigd. Naast het gesprek met CEA werd SRA uitgenodigd om deel te nemen aan de Uitvoeringstoets van het rapport. De reacties die CEA ontvangt, worden waar nodig meegenomen in het definitieve rapport eindtermen, dat naar verwachting eind 2026 in de Staatscourant wordt gepubliceerd.

Meer weten